zondag, februari 20, 2005

Geert Mak en de Anne Frank-strategie

Ephimenco wees vandaag, in essentie, op het kwaadaardige karakter van de benadering en de redenering van Mak, in zijn pamflet "Gedoemd tot kwetsbaarheid". Mak's reputatie en geschiedenis, en zijn beminnelijkheid, hadden mij er tot dusver van weerhouden dat in te zien. Ik ging er maar vanuit dat het "kelders"-artikel in de crisisweken na 2 november een stukje overkill was, en de verwijzing naar Goebbels en zijn Ewige Jude een terloopse opmerking, hopelijk verspreking, waarvoor hij eigenlijk zijn excuses zou moeten aanbieden.

Dat is niet zo. Goebbels met zijn Ewige Jude, de holocaust, de tweede wereldoorlog, de ethnische zuiveringen in het voormalig Joegoslavië, niets wordt geschuwd om degenen die pleiten voor handhaving van de vrijheid van meningsuiting, van de rechtstaat, van de scheiding van kerk en staat, en van het onderwijs als emancipatorische institutie, in de hoek te zetten van proto-fascisten die de weg vrijmaken voor pogroms, zo niet transfer - zoals dat door sommige Israeli's wordt genoemd. (In goed Nederlands: opzouten.)

Kwaadaardige vervorming of misinterpretatie van feiten en uitspraken schuwt hij niet. Twee voorbeelden.

Opnieuw hier de verwijzing naar hoe Pim Fortuyn tot Grootste Nederlander aller Tijden werd gekozen, als bewijs van de dubieuze onderstromen in de Nederlandse kelders. Mak weet heel goed dat in de aanloop tot de verkiezing vanuit Fortunistische hoek via Internet georganiseerd, waarschijnlijk zelfs geautomatiseerd werd gestemd. Die stemmen telden cumulatief mee.
Op de avond van de finale werd massaal op Willem van Oranje gestemd, alleen liepen de computers vast en werden deze stemmen niet meegeteld. De dag na de uitzending bleek dat Willem met overgrote meerderheid was gekozen, alleen zag de KRO er geen heil in de uitslag aan te passen.

Dan de befaamde verwensing van van Gogh aan het adres van Rosenmöller, waarin de laatste een hersentumor werd toegewenst. Mak stelt deze gelijk aan de doodswens die Abdul-Jabbar van de Ven, de Brabantse islamist, uitsprak richting Wilders, en suggereert selectieve verontwaardiging. Iedereen viel over de "mallote Brabander" heen, terwijl hij hetzelfde zei als van Gogh.
Ik neem aan dat zelfs Mak inziet dat van Gogh indertijd in zijn boosheid (over de demonisering van Fortuyn door Rosenmöller) weliswaar een smakeloze opmerking maakte, verkeerde humor wellicht, maar dat die verwensing geen lettelijke betekenis had. Er hoeft geen twijfel over te bestaan dat de "mallote Brabander", die onder leden van de "Hofstad-groep" (waartoe Mohammed B. behoorde) een goede naam als groot islam-kenner had, zijn uitspraak daarentegen wel degelijk letterlijk bedoelde.